Zomaar een fietsdag

Dit is het verslag van zomaar een fietsdag. Of eigenlijk van anderhalve fietsdag. Nadat we de terugweg uit Katon hebben aanvaard kwamen we weer in Naryn uit. Het was nog vroeg, zo tegen half elf. Maar wij begonnen alweer trek te krijgen. Te vroeg om ergens in een café te eten. Bij de enige verkeerslichten in het dorp slaan we af. Koersjim 135 km. En we ruiken allebei dat er eten gekookt wordt. Er blijkt een beetje verscholen een café te zijn. Het café ziet er aan de binnenkant beter uit dan aan de buitenkant. Het eten smaakt lekker. Borsj (een stevige soep), met brood en ander lekkers. Al snel komen er meer gasten.

Na het eten rijden wij eerst 5 km naar de andere kant van het dal, waar de weg een haakse hoek maakt. We krijgen de wind mee en rijden met een volle maag over een goede weg. Fietsersgeluk. Na een kilometer of 25 verandert de “goede weg” in een “weg”. Dat betekent meer gaten, maar er ligt nog steeds asfalt. Dat laatste verandert bij kilometerpaal 38: onverhard.

We zoeken naar een slaapplek. Er staan een paar armoedige huisjes langs het water. Daar willen we niet te dicht bij staan. En toch aan het meer, zodat we drinkwater hebben. We vinden de bijna ideale slaapplek met weelderig groen gras aan de rand van het meer, iets van de weg af. De automobilisten, die er bijna niet langs komen, zien ons niet staan. Het enig nadeel is dat het paadje wat smal is en de scheerlijnen aan de zijkant van de tent niet worden uitgezet. Maar het is windstil.

In de nacht begint het te waaien, de tent gaat flink heen en weer. Uiteindelijk wordt het besluit genomen toch uit de warme slaapzak te gaan en de zijlijnen af te spannen. Dan slapen we een stuk rustiger.

De volgende worgen staan de witte koppen op het meer, en komen de golven aan vanuit de richting waar wij heen willen. Oftewel de wind schuin tegen. Dat maakt het fietsen over de onverharde weg niet makkelijker. Bloemen langs de kant en af en toe een kudde wilde paarden maken het draaglijk.

Na ruim 50 km wordt de weg onverwacht verhard. En even later zien we een dorpje liggen: Slawianka. Veel lijkt het niet maar we hopen dat er een winkel is. Vaak liggen die langs de weg maar dit keer niet. Er komt een mevrouw aanlopen en we vragen of er een “магазин” is. Ja, dat is er en het blijkt van haar te zijn. Dan maakt Marieke het eetgebaar. Of we ook willen eten? Ja dat willen we wel. De fietsen gaan mee het erf op en wij worden, nadat de schoenen zijn uitgedaan, in de nette kamer gezet. Voor de tv. Vader en de zoon komen er ook bij. Schoondochter en mevrouw koken in de tussentijd een lekker maal. Dan is het jammer dat wij zo weinig Russisch en zij geen Engels spreken. Maar met handen en voeten is er een redelijk gesprek te voeren.

Na het eten nemen wij afscheid en gaan nog even naar het winkeltje om wat eten te kopen. Mevrouw schrijft wat op een papier voor ons. Dat moeten we meenemen. We kunnen niet lezen wat er staat, maar we zoeken wel iemand om het voor ons te vertalen.

Het zijn nog een kleine 10 km naar de veerpont die ons over het meer moet brengen. Als we daar aankomen schrikken we. Er staan misschien wel 50 auto’s en kleine vrachtwagens te wachten. Met de fiets rijden we naar voren in de rij. Elke twee uur gaat de pont en het lijkt er op dat er problemen zijn. Er vaart er één af, maar die komt elke keer weer terug en vertrekt dan weer. Uiteindelijk bereikt de pont de overzijde.

Kletsen terwijl we wachten op de veerpont
Een lange, lange rij wachtenden, maar wij zijn aan boord.

Iedereen zit in hetzelfde schuitje, maar de stemming leidt er niet onder. Wij en onze fietsen zijn een bron van vermaak. Het levert een paar bakken thee op. Dat gaat er wel in, want de wind waait koud.Uiteindelijk gaan wij met de volgende pont over. Het is al tegen zevenen als we de andere kant bereiken. Opeens is het geduld op. Auto’s racen er af, vaak moeten mensen nog honderden kilometers verder naar hun bestemming. Wij zoeken een kampeerplek. We blijken in een soort duinlandschap terecht gekomen te zijn. In een pannetje zetten we de tent op. Voor het eerst gebruiken we de zand/sneeuwharingen die we meegenomen hebben. De tent staat steviger dan veel Kazahkse huizen die we hebben gezien.

Het is bijna volle maan en koud. We drinken nog een thee om warm te blijven en duiken vroeg de tent in. De volgende morgen blijkt het gevroren te hebben. Er zit ijs in de bidons, maar wij hadden het lekker warm in onze slaapzakken.

Ons plekje in de duinen

2 gedachtes op “Zomaar een fietsdag”

  1. Kira Angelier

    Geweldig om te lezen! Wat maken jullie veel mee! Van prachtige natuur tot folklore en cultuur. Geniet nog even, ik geniet mee vanuit Nederland.
    Groetjes Kira

Laat een reactie achter op Dietrich Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *